Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 augustus 2020

Onder 3.4 Parket bij de Hoge Raad 7 augustus 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 augustus 2020, ECLI:NL:PHR:2020:741.

Het gevolg van het door het hof gegeven oordeel is dat een curator reeds kort na het uitspreken van het faillissement geconfronteerd kan worden met een lopende procedure, terwijl hij op dat moment nog niet goed kan beoordelen of het zinvol is om de procedure over te nemen. Om niet het risico te lopen dat hem later wordt verweten dat hij niet of onvoldoende verweer heeft gevoerd tegen de vordering, zal hij veelal in eerste instantie de noodzaak voelen om zich tegen de vordering te verweren, hetgeen tot gevolg kan hebben dat de boedel onnodig tot het maken van kosten wordt aangezet. Ook zal niet altijd op voorhand duidelijk zijn of in het faillissement een verificatievergadering zal plaatsvinden, terwijl voortzetting van de procedure zinloos zal zijn indien een verificatievergadering niet zal plaatsvinden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5362dc2c57a45158cc1452771589ed209b4e1987464bf863791aded218d0ece4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5362dc2c57a45158cc1452771589ed209b4e1987464bf863791aded218d0ece4, en de alinea staat in dat document op bytes 26487 tot 27379.