Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 september 2020
Alinea 105 Parket bij de Hoge Raad 8 september 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:770.
In het geval dat uw Hof mocht oordelen dat de verklaring van [verdachte] onaannemelijk is en/of niet verifieerbaar, dan herhaalt en handhaaft [verdachte] zijn verzoek om [betrokkene 3], [betrokkene 5] en notaris [betrokkene 6] te horen als getuigen. [verdachte] doet hierbij nadrukkelijk een voorwaardelijk verzoek tot het horen van voormelde getuigen in geval u voornemens bent het feit wettig en overtuigend te beoordelen. Het is het belang van zijn verdediging dat deze getuigen worden gehoord nu zij in ieder geval het bestaan van de erfenis ([betrokkene 3]) en de aannemelijkheid ([betrokkene 6] en [betrokkene 5]) te kunnen aantonen. [verdachte] doet hierbij nadrukkelijk een beroep op artikel 6 EVRM om de voor hem ontlastende getuigen te mogen horen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea7e06014877fc865576a31968923d62be3140142c2a5ac1669c9d6198abeaa9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea7e06014877fc865576a31968923d62be3140142c2a5ac1669c9d6198abeaa9, en de alinea staat in dat document op bytes 36651 tot 37423.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea7e06014877fc865576a31968923d62be3140142c2a5ac1669c9d6198abeaa9 | shasum -a 256