Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 september 2020

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 8 september 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:770.

Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij ongeveer € 130.000,- contant heeft betaald aan [betrokkene 1] en [betrokkene 2] , de bestuurder van de gefailleerde vennootschap [A] , voor de verbouwing van het huis van hem en zijn partner. Daarnaast heeft hij te kennen gegeven dat de bedragen, genoemd door de overige leveranciers, ook wel kloppen, met uitzondering van het bedrag van € 14.000,- aan [H] , omdat hij dit bedrag heeft voldaan aan [betrokkene 1] en dus is meegenomen in het contante bedrag ad € 130.000,- zoals hierboven genoemd. Ook het bedrag van rond de € 60.000,- dat zou zijn betaald aan [C] , klopt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea7e06014877fc865576a31968923d62be3140142c2a5ac1669c9d6198abeaa9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea7e06014877fc865576a31968923d62be3140142c2a5ac1669c9d6198abeaa9, en de alinea staat in dat document op bytes 10213 tot 10917.