Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 september 2020
Onder 2.5 Parket bij de Hoge Raad 11 september 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:799.
In het algemeen kan hetzij een natuurlijke persoon, hetzij een rechtspersoon verschijnen in een procedure bij de burgerlijke rechter, maar niet een orgaan van een publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon, tenzij de wet anders bepaalt. Wanneer het verzoekschrift in een Wvggz-procedure strekt tot het verlenen van een machtiging tot het verlenen van verplichte zorg, is wel duidelijk wie de belanghebbende is. Indien het inleidende verzoekschrift strekt tot iets anders dan dat, is soms lastig vast te stellen, wie als belanghebbende(n) in de procedure moet(en) worden aangemerkt. Uit HR 6 juni 2003:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4c527ff32328a261e8ab2e060bc54f07f9095b117600bdadfa6709ec7572127. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4c527ff32328a261e8ab2e060bc54f07f9095b117600bdadfa6709ec7572127, en de alinea staat in dat document op bytes 12670 tot 13360.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e4c527ff32328a261e8ab2e060bc54f07f9095b117600bdadfa6709ec7572127 | shasum -a 256