Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 september 2020

Onder 2.7. Parket bij de Hoge Raad 15 september 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:802.

Art. 6:166 lid 1 BW voorziet in een hoofdelijke aansprakelijkheid van personen die tot een groep behoren voor de schade die is veroorzaakt door gedragingen in groepsverband. Daaraan ligt de ratio ten grondslag dat ieders bijdrage de kans in het leven roept dat schade zal ontstaan en dat dit gegeven de groepsdeelnemers had moeten weerhouden van hun gedragingen. Daarbij is de mate van betrokkenheid van de afzonderlijke deelnemers bij het onrechtmatig handelen niet van belang en dus ook niet wie van de groepsdeelnemers de schade rechtstreeks heeft toebracht. Het doel van deze bepaling is te voorkomen dat een deelnemer zich met een beroep op het ontbreken van causaal verband tussen zijn eigen handelen en de door de benadeelde geleden schade aan mede-aansprakelijkheid zou kunnen onttrekken. Art. 6:166 BW brengt dan ook in beginsel aansprakelijkheid voor andermans gedrag met zich en dus een zekere risicoaansprakelijkheid waarvoor het voldoende is dat de verdachte behoorde te begrijpen dat aan het groepsoptreden het gevaar was verbonden dat schade zou worden toegebracht. Dat de verdachte is vrijgesproken van de strafverzwarende omstandigheid, doet hieraan niet af. Voldoende voor hoofdelijke aansprakelijkheid is zijn deelname aan het groepsgeweld ongeacht de vorm die zijn deelname heeft aangenomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea0d32c9ce5c8197697b37ca9ec12fe592458e920883cdd6a2552954809a95f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea0d32c9ce5c8197697b37ca9ec12fe592458e920883cdd6a2552954809a95f9, en de alinea staat in dat document op bytes 28868 tot 30448.