Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 september 2020
Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 15 september 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:803.
De advocaat-generaal heeft tijdens de regiezitting in hoger beroep, op 11 januari 2017, aangegeven vooralsnog geen reden te zien om een andere straf te vorderen dan in eerste aanleg door de rechtbank is opgelegd. Tussen de regiezitting en de inhoudelijke behandeling op 23 mei 2018 zijn er ten aanzien van de feiten geen nieuwe aspecten naar voren gekomen. Daarentegen zijn er met betrekking tot de persoonlijke omstandigheden van verdachte wel nieuwe aspecten naar voren gekomen, in het bijzonder omtrent zijn psychische gesteldheid. Verdachte heeft bovendien, ook al ten tijde van de regiezitting, aangegeven te willen berusten in het vonnis van de rechtbank. Verdachte heeft er ook bewust voor gekozen om geen verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis te doen omdat hij meteen zijn straf wilde uitzitten. Onder voornoemde omstandigheden was de vordering van de advocaat-generaal zoals gedaan op 23 mei 2018, in relatie tot hetgeen zij hierover op de regiezitting had aangegeven, niet te voorzien voor het hof en de verdediging.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c0853cd5b7f5777527f5e875ae401ba9d31ad58aa78a2ac56769628872f6618c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c0853cd5b7f5777527f5e875ae401ba9d31ad58aa78a2ac56769628872f6618c, en de alinea staat in dat document op bytes 19466 tot 20593.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c0853cd5b7f5777527f5e875ae401ba9d31ad58aa78a2ac56769628872f6618c | shasum -a 256