Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 september 2020

Onder 4.33 Parket bij de Hoge Raad 18 september 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:820.

Dit oordeel lijkt mij niet goed te stroken met het daaraan direct voorafgaande oordeel in rov. 2.17-2.18 dat er geen bijzondere bepaling is en de bepalingen betreffende extinctieve verjaring niet van toepassing zijn omdat uitoefening van het wilsrecht rechtstreeks een rechtsgevolg teweegbrengt. Aangezien er geen rechtsvordering aan de uitoefening van het wilsrecht te pas komt, kan er geen sprake zijn van verjaring van een rechtsvordering. In zoverre geeft het oordeel van het hof blijk van een onjuiste rechtsopvatting zodat de klacht onder 3.1 slaagt. Nu de klachten onder 3.2 en 3.3 subsidiair zijn aangevoerd, behoeven zij geen bespreking.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5901f16d0ea947bdef9e7f191aaafbd751a6c1d13dcb3cee88dcca6caf06ee44. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5901f16d0ea947bdef9e7f191aaafbd751a6c1d13dcb3cee88dcca6caf06ee44, en de alinea staat in dat document op bytes 58883 tot 59581.