Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 september 2020

Onder 3.6 Parket bij de Hoge Raad 18 september 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:820.

Per 1 januari 2002 is art. 3:194 lid 2 in het BW-AUA ingevoerd. Deze bepaling is identiek aan het op 1 januari 1992 ingevoerde art. 3:194 lid 2 BW-NL. Ingevolge deze bepaling verbeurt een deelgenoot in een bijzondere gemeenschap – waaronder ingevolge het tweede lid van art. 3:189 BW-AUA en BW-NL de gemeenschap van een nalatenschap en van een ontbonden huwelijksgemeenschap valt – zijn aandeel in tot die gemeenschap behorende goederen aan de andere deelgenoten, indien hij die opzettelijk verzwijgt, zoek maakt of verborgen houdt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5901f16d0ea947bdef9e7f191aaafbd751a6c1d13dcb3cee88dcca6caf06ee44. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5901f16d0ea947bdef9e7f191aaafbd751a6c1d13dcb3cee88dcca6caf06ee44, en de alinea staat in dat document op bytes 25854 tot 26467.