Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 september 2020
Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 29 september 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:840.
Het hof overweegt, dat per 1 januari 2020 de Wet van 22 februari 2017, houdende wijziging van het Wetboek van Strafrecht, het Wetboek van Strafvordering en enige andere wetten in verband met een herziening van de wettelijke regeling van de tenuitvoerlegging van strafrechtelijke beslissingen (Wet herziening tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen, Stb. 2017, 82) in werking is getreden. Op grond van het thans geldende artikel 36e lid 11 van het Wetboek van Strafrecht bepaalt de rechter bij de oplegging van de maatregel de duur van de gijzeling die met toepassing van artikel 6:6:25 van het Wetboek van Strafvordering ten hoogste kan worden gevorderd. Bij het bepalen van de duur wordt voor elke volle € 25,- van het opgelegde bedrag niet meer dan één dag gerekend. De duur beloopt ten hoogste drie jaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2aa415ca8e806b3207a77241f3d76badbfc102aa578135e98b3a8e4bf0f127f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2aa415ca8e806b3207a77241f3d76badbfc102aa578135e98b3a8e4bf0f127f7, en de alinea staat in dat document op bytes 5967 tot 6800.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2aa415ca8e806b3207a77241f3d76badbfc102aa578135e98b3a8e4bf0f127f7 | shasum -a 256