Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2020
Onder 3.49 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:882.
Onderdeel 8 veronderstelt dat het hof in de genoemde stelling van Aegon een verweer had dienen te lezen ten aanzien van de opeisbaarheid van de vordering en/of de toerekenbaarheid. Het hof heeft kennelijk in de stelling van Aegon geen toerekeningsverweer gelezen, maar alleen een beroep op het komen vast staan op 27 april 2011 van de opeisbaarheid van de uitkering wegens het overlijden van [betrokkene 1] sr.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/18ed48b285d82842a283dce0d3cc3688a2a6ffbe352380800b1b55754349726d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 18ed48b285d82842a283dce0d3cc3688a2a6ffbe352380800b1b55754349726d, en de alinea staat in dat document op bytes 90493 tot 90917.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/18ed48b285d82842a283dce0d3cc3688a2a6ffbe352380800b1b55754349726d | shasum -a 256