Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020
Onder 2.34 Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:884.
Beekhoven van den Boezem meent eveneens dat rangwisseling voor pandrechten mogelijk is door analoge toepassing van art. 3:262 BW. Net als Faber en Vermunt acht hij niet onwaarschijnlijk dat de wetgever aan een regeling voor rangwisseling van pandrechten gewoonweg niet heeft gedacht, omdat onder vigeur van het voormalige Burgerlijk Wetboek niet met stil pandrecht maar met eigendomsoverdracht tot zekerheid werd gewerkt. Omdat meerdere overdrachten tot zekerheid van hetzelfde goed niet mogelijk zijn, viel er destijds eenvoudigweg niets te wisselen. Daarbij komt dat voor rangwisseling van hypotheekrechten in ieder geval een expliciete wettelijke regeling nodig was, omdat – anders dan voor wat betreft rangwisseling van pandrechten – verandering van de rang moet worden ingeschreven in de openbare registers en daarvoor een expliciete wettelijke bepaling noodzakelijk is (art. 3:17 BW). Veel belangrijker acht Beekhoven van den Boezem dat pand- en hypotheekrechten in wezen dezelfde rechten zijn: slechts het soort goed waarop zij als beperkt recht kunnen worden gevestigd, verschilt (art. 3:227 lid 1 BW). De figuur van rangwisseling van pandrechten analoog aan art. 3:262 BW past dan ook prima in het systeem van de wet.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45, en de alinea staat in dat document op bytes 73593 tot 74900.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45 | shasum -a 256