Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020
Onder 2.36 Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:884.
Volgens Van Mierlo ligt voor de hand om aan te nemen dat – evenals art. 3:262 BW dat meebrengt voor hypotheek – ook bij pandrecht een afwijkende rangorde kan worden bewerkstelligd, mits alle pandhouders en eventuele andere beperkt gerechtigden aan wie door deze wijziging een andere rang zou toekomen dan zij op grond van het prioriteitsbeginsel bezitten, met deze wijziging van de prioritaire rangorde instemmen, en de wijziging van de rangorde in een authentieke of geregistreerde onderhandse akte wordt vastgelegd. Zonder instemming van alle pandhouders en eventuele andere beperkt gerechtigden vindt geen wijziging van de prioritaire rangorde in goederenrechtelijke zin plaats. In een dergelijk geval behouden alle pandhouders en eventuele andere beperkt gerechtigden de rang en goederenrechtelijke positie die hen op grond van het prioriteitsbeginsel toekomt. De rangwijziging is in dat geval een obligatoire regeling die uitsluitend partijen bindt, maar niet aan andere pandhouders of andere beperkt gerechtigden kan worden tegengeworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45, en de alinea staat in dat document op bytes 75803 tot 76928.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45 | shasum -a 256