Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020

Onder 2.41 Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:884.

Volgens Faber en Vermunt kan rangwisseling bij pandrecht niet alleen worden gebaseerd op analoge toepassing van art. 3:262 BW, maar ook op een wijziging van het pandrecht op grond van art. 3:98 jo. 3:84 BW. Zij betogen in dit verband dat een rangwisseling bij hypotheek ook zonder art. 3:262 BW mogelijk zou zijn, namelijk door bij de vestiging van het tweede hypotheekrecht het eerste hypotheekrecht – voor wat betreft de aan dat recht toekomende rang – te wijzigen. Voor een dergelijke wijziging van een beperkt recht is volgens de toelichting op art. 3:98 BW vereist dat dezelfde voorschriften in acht worden genomen die ook gelden voor de vestiging of afstand van het beperkte recht. Art. 3:262 BW is in zoverre dus overbodig, aldus Faber en Vermunt. Ook voor pandrecht kan een rangwisseling of afwijkende rangorde worden bereikt door het wijzigen van de rang van het eerder gevestigde pandrecht met toestemming van de pandhouders die daardoor worden geraakt. Een dergelijke wijziging kan geschieden op dezelfde wijze als is voorgeschreven voor de vestiging of afstand van het pandrecht. Beide wegen – analoge toepassing van art. 3:262 BW of wijziging van het bestaande pandrecht op grond van art. 3:98 jo. 3:84 BW – zijn volgens Faber en Vermunt mogelijk en leiden tot hetzelfde resultaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45, en de alinea staat in dat document op bytes 84015 tot 85458.