Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020

Onder 2.97 Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:884.

Een pandrecht wordt van oudsher gekarakteriseerd als een afhankelijk recht in de zin van art. 3:7 BW: een recht dat zodanig aan de gezekerde vordering is verbonden dat het niet zonder die vordering kan bestaan. Dit neemt niet weg het hier bedoelde accessoriteitsbeginsel niet in al zijn gestrengheid wordt toegepast. Zoals hiervoor werd opgemerkt, kan een pandrecht ook strekken tot zekerheid van toekomstige vorderingen en vervalt het niet zodra op enig moment de openstaande vorderingen zijn voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bcd6ca97479f4e66cb96a43962d37ccb494e6a8ba3a73f9544d0fa5aea7da45, en de alinea staat in dat document op bytes 137945 tot 138461.