Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020

Onder 2.2 Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:897.

Het hof heeft miskend dat een effectieve bescherming van family life met zich brengt dat de toekomstige betrekkingen tussen ouder en kind uitsluitend worden bepaald in het licht van alle relevante overwegingen en niet slechts door tijdsverloop. In een situatie waarin sprake is van positieve ontwikkelingen in het leven van de moeder en de omgang zonder problemen is uitgebreid, ontbreekt de noodzaak voor gezagsbeëindiging in het licht van art. 8 EVRM, althans gelden zware motiveringseisen om tot gezagsbeëindiging over te gaan of te oordelen dat de aanvaardbare termijn is verstreken. Ook het belang van family life met het zusje van [betrokkene 1] is niet in de beoordeling betrokken. Voorts is onvoldoende gemotiveerd waaruit de kwetsbaarheid van [betrokkene 1] bestaat, zodat dit niet tot gezagsbeëindiging kan leiden, en is miskend dat de omstandigheid dat de moeder niet berust in de uithuisplaatsing of niet altijd meewerkt met de GI, niet (zonder meer) tegen de moeder kan worden gebruikt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6bc8d4d52952080e33672336581c618666b216d27c8f5b3aa2ca6a555f490de0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6bc8d4d52952080e33672336581c618666b216d27c8f5b3aa2ca6a555f490de0, en de alinea staat in dat document op bytes 17384 tot 18719.