Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 augustus 2020

Alinea 152 Parket bij de Hoge Raad 25 augustus 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 augustus 2020, ECLI:NL:PHR:2020:901.

27. De tenlastelegging en bewezenverklaring zijn toegesneden op art. 197a Sr. Het begrip 'wederrechtelijke toegang' is kennelijk gebezigd in de betekenis die daaraan toekomt in deze strafbepaling. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat het bestanddeel ‘wederrechtelijk’ in art. 197a Sr een ruime betekenis heeft en inhoudt: “zonder enig subjectief recht of enige bevoegdheid”. De hulp moet zijn verleend aan iemand die aan geen rechtsregel enige titel tot toegang (respectievelijk doorreis) kan ontlenen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ce1f8f8a62157632a024a5ceea18efa809e50fc4d83cfad9e1a0606604a95af0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ce1f8f8a62157632a024a5ceea18efa809e50fc4d83cfad9e1a0606604a95af0, en de alinea staat in dat document op bytes 41658 tot 42307.