Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 augustus 2020

Alinea 161 Parket bij de Hoge Raad 25 augustus 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 augustus 2020, ECLI:NL:PHR:2020:901.

36. De bestreden uitspraak lijdt aan innerlijke tegenstrijdigheid. Enerzijds overweegt het hof dat art. 6 EVRM “strikt genomen” niet is geschonden, terwijl het hof anderzijds vaststelt dat sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn. Met een zeer welwillende lezing zou hieraan mogelijk een mouw kunnen worden gepast. In dat geval zou ervan kunnen worden uitgegaan dat het hof met de overweging dat artikel 6 EVRM strikt genomen niet is geschonden doordat de termijnoverschrijding in hoger beroep gecompenseerd wordt door de voortvarende berechting in eerste aanleg, en de zaak daardoor in twee instanties binnen een termijn van vier jaar is afgehandeld, kennelijk slechts tot uitdrukking heeft willen brengen dat strafvermindering achterwege kan blijven omdat de duur van de behandeling in eerste aanleg en in hoger beroep in totaal binnen de vier jaren is gebleven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ce1f8f8a62157632a024a5ceea18efa809e50fc4d83cfad9e1a0606604a95af0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ce1f8f8a62157632a024a5ceea18efa809e50fc4d83cfad9e1a0606604a95af0, en de alinea staat in dat document op bytes 46598 tot 47497.