Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2020

Onder 4.1. Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:920.

“1. Tegen een strafbeschikking kan de verdachte verzet doen binnen veertien dagen nadat het afschrift in persoon aan hem is uitgereikt, dan wel zich anderszins een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de strafbeschikking hem bekend is. Onverminderd de vorige zin kan tegen een strafbeschikking waarin een geldboete van niet meer dan € 340 is opgelegd, wegens een overtreding welke ten hoogste vier maanden voor toezending is gepleegd, verzet worden gedaan tot uiterlijk zes weken na toezending. Verzet kan niet worden gedaan indien de verdachte afstand heeft gedaan van de bevoegdheid daartoe door vrijwillig aan de strafbeschikking te voldoen. Verzet kan voorts niet worden gedaan indien de verdachte, bijgestaan door een raadsman, schriftelijk afstand heeft gedaan van de bevoegdheid daartoe.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6932dccb364523618a6c2eef6d32db2e9b1996f9fe8834057ac1064e4562bf8c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6932dccb364523618a6c2eef6d32db2e9b1996f9fe8834057ac1064e4562bf8c, en de alinea staat in dat document op bytes 16068 tot 16901.