Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020
Onder 1.39 Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:934.
Volgens het hof dient de vraag of de bodemrechter zal oordelen dat de opzeggingen door ING naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zijn, te worden beoordeeld naar de stand van zaken ten tijde van de opzeggingen ( ex tunc ). Deze vraag is reeds in de tweede procedure beantwoord in voor ING positieve zin (zie het arrest van 19 januari 2018, hersteld bij arrest van 23 januari 2018, randnummer 1.25 hiervoor). Het hof heeft in het bestreden arrest het volgende overwogen:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d, en de alinea staat in dat document op bytes 52400 tot 52939.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d | shasum -a 256