Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020
Onder 2.11 Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:934.
- het arrest van 16 februari 2007 betreft een vordering die betrekking had op inbreukmakend of anderszins onrechtmatig handelen. In de onderhavige zaak gaat het om de vraag of contractuele relaties rechtsgeldig zijn opgezegd. De inzet en aard van het onderhavige geding verschilt derhalve van de inzet en aard van het geding dat tot het arrest van 16 februari 2007 heeft geleid. Reeds hierom vindt het bepaalde in dat arrest niet zonder meer toepassing in de onderhavige zaak. Daarbij komt dat Uw Raad in het arrest van 16 februari 2007 heeft bepaald dat er aanwijzingen kunnen zijn die aanleiding moeten geven voor een beperkte ex tunc -toetsing. Zoals hiervoor is uiteengezet (randnummers 2.8 e.v.), zijn dergelijke aanwijzingen in deze zaak aanwezig;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d, en de alinea staat in dat document op bytes 81001 tot 81865.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d | shasum -a 256