Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020
Onder 2.11 Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:934.
- in de zaak die heeft geleid tot de beschikking van 19 juli 2019 ging het om een door de kantonrechter ontbonden arbeidsovereenkomst. Anders dan in de onderhavige zaak, was in die zaak géén klacht gericht tegen het oordeel van het hof dat de juistheid van de door de kantonrechter uitgesproken ontbinding dient te worden beoordeeld naar de toestand ten tijde van diens beslissing ( ex tunc ). Uw Raad heeft zich derhalve in deze beschikking niet uitgesproken over de vraag of het hof met juistheid een ex tunc -toetsing heeft toegepast. Wel heeft Uw Raad – in lijn met de hiervoor genoemde beschikking van 18 januari 2019 – bevestigd dat een ex tunc -beoordeling niet afdoet aan de herkansingsfunctie van het hoger beroep. Dit betekent dat, ook bij een ex tunc -toetsing, een beroep mag worden gedaan op nieuwe feiten en omstandigheden, mits die feiten en omstandigheden zich maar vóór de ontbinding door de kantonrechter hebben voorgedaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d, en de alinea staat in dat document op bytes 83180 tot 84475.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d | shasum -a 256