Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020
Onder 2.27 Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:934.
Anders dan [eiseressen] betogen, is de zorgplicht van ING niet zo bepalend voor de in het kader van art. 6:248 lid 2 BW te maken belangenafweging dat alleen in uitzonderlijke gevallen geen sprake is van een onaanvaardbare opzegging. Dit is mijns inziens ook niet wat Tjong Tjin Tai betoogt in zijn noot onder het arrest van 10 oktober 2014 van Uw Raad inzake ING/[...] , welke noot [eiseressen] ter onderbouwing van hun klachten vrijwel integraal in randnummer 2.1.7 van de procesinleiding hebben overgenomen. Tjong Tjin Tai stelt, kort gezegd, dat de in artikel 2 ABV opgenomen zorgplicht de contractuele opzeggingsbevoegdheid van de bank inperkt en ertoe leidt dat de uitoefening daarvan sneller onaanvaardbaar is. Dat lijkt mij juist. Hij stelt echter – mijns inziens terecht – niet dat die inperking zo ver gaat dat een bank slechts bij ultimum remedium tot opzegging kan en mag overgaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d, en de alinea staat in dat document op bytes 96893 tot 97935.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d | shasum -a 256