Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020

Onder 2.43 Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:934.

De klacht faalt. Het hof is als feitenrechter niet gehouden op alle stellingen van partijen in te gaan. Daarbij komt dat het hof de schikking heeft genoemd als één van de omstandigheden die erop wijzen dat het ING, ten tijde van de opzeggingen, niet duidelijk hoefde te zijn dat er mogelijk onvoldoende aanleiding bestond voor de stafrechtelijke vervolging/veroordeling van [eiseressen] Dat is niet onbegrijpelijk. Daaraan doen de redenen waarom [betrokkene 1 en 2], aldus [eiseressen] , tot de schikking zijn overgegaan, niet af.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbda033d45e726daa4d577411074d73e775db475bd4a581904d54a4bd179043d, en de alinea staat in dat document op bytes 108254 tot 108799.