Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 september 2020

Onder 3.5. Parket bij de Hoge Raad 8 september 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:968.

Op grond van al het vorenstaande, in onderling verband en samenhang beschouwd, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat het de verdachte is geweest die op 21 september 2017 in [plaats 3] en in [plaats 2] in de woningen van [aangeefster 3] respectievelijk [aangeefster 2] de ten laste gelegde diefstallen heeft gepleegd. Het hof heeft, anders dan bepleit door de raadsman, geen reden te twijfelen over hetgeen door de aangeefsters is verklaard ten aanzien van de gestolen goederen.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5cbfd0651bacea0d1e78a5cea4a6ed8ffc8d78d1a9daa37e104f4b31803e479b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5cbfd0651bacea0d1e78a5cea4a6ed8ffc8d78d1a9daa37e104f4b31803e479b, en de alinea staat in dat document op bytes 51220 tot 51723.