Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2020
Onder 3.65 Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:97.
In subonderdeel 2.2 stelt [eiser] bovendien dat het genoemde oordeel van het hof in rov. 5.4.2. van het eindarrest onbegrijpelijk is voor zover dit gebaseerd is op de daarop volgende overweging in diezelfde rechtsoverweging dat al de door [eiser] aangevoerde omstandigheden betrekking hebben op de vordering van [eiser] jegens de vof en niet op de vordering jegens [verweerder] in privé. Volgens [eiser] zien de door hem gestelde bijzondere omstandigheden op [verweerder] . Daartoe heeft [eiser] verwezen naar de opsomming van de door hem gestelde bijzondere omstandigheden met verwijzing naar de desbetreffende stukken in de feitelijke instanties (op pagina’s 7-8 van de procesinleiding).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ddba9fce8a7447121de0effe8fa26740b01e0ae3c626de7cf0787f63e29443f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ddba9fce8a7447121de0effe8fa26740b01e0ae3c626de7cf0787f63e29443f, en de alinea staat in dat document op bytes 116560 tot 117304.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3ddba9fce8a7447121de0effe8fa26740b01e0ae3c626de7cf0787f63e29443f | shasum -a 256