Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 november 2021
Onder 6.6 ( Parket bij de Hoge Raad 1 november 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 november 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1019.
(ii) De zojuist aangeduide ongelijke heffingsresultaten zijn het gevolg van een niet-concludente redenering. De wet veronderstelt dat belastingplichtigen met hun vermogen een rendement behalen dat mensen met een vermogen van die omvang gemiddeld behalen. In deze gedachtegang wordt dus het gemiddeld in een onderzochte groep geldende cijfer - dat de optelsom van alle individuele uitkomsten gedeeld door het aantal personen in de populatie is - toegepast alsof het gemiddelde cijfer ook dat van alle individuen uit die groep is. Langs andere weg benaderd veronderstelt de wet dat de omvang van iemands vermogen causaal verband houdt met de verdeling daarvan over de rendementsklassen. Op zijn minst behoeven beide genoemde veronderstellingen bewijs, dat echter niet is geleverd, en in dit geval is het evident dat de veronderstellingen niet de werkelijkheid dekken. Een en ander brengt met zich dat de wettelijke norm niet met redelijke zekerheid waarborgt dat de betreffende aanslagen – binnen een redelijke marge – worden opgelegd naar gelang van het door de belastingplichtige verkregen inkomen. De regeling berust dus op onrealistische grondslagen, behandelt ongelijke gevallen als waren zij gelijk en is derhalve in strijd met het draagkracht- en het gelijkheidsbeginsel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/53de0dcbeb66e61aee20d3e9b3dd47ce5f13494a388b89d0fb3614901f128d1b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 53de0dcbeb66e61aee20d3e9b3dd47ce5f13494a388b89d0fb3614901f128d1b, en de alinea staat in dat document op bytes 51207 tot 52565.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/53de0dcbeb66e61aee20d3e9b3dd47ce5f13494a388b89d0fb3614901f128d1b | shasum -a 256