Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2021

Onder 7.4. Parket bij de Hoge Raad 9 november 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1052.

9. Art. 361 lid 4 Sv, dat op grond van art. 415 Sv eveneens van toepassing is in hoger beroep, schrijft voor dat de beslissing over de vordering van de benadeelde partij met redenen is omkleed. De begrijpelijkheid van deze beslissing is mede afhankelijk van de wijze waarop de vordering is onderbouwd enerzijds en de wijze waarop daartegen door de verdediging verweer is gevoerd anderzijds. De motivering van deze beslissing kan summier zijn wanneer de verdachte de vordering niet heeft betwist en de vordering de rechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt. Het oordeel dat het hof de vordering tot vergoeding van immateriële schade gedeeltelijk heeft afgewezen is feitelijk en kan in cassatie slechts op zijn begrijpelijkheid worden getoetst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7cfbee2dd0cec630e36f0aeae2259a63ab28fc7678f3b96210fc1223ad713437. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7cfbee2dd0cec630e36f0aeae2259a63ab28fc7678f3b96210fc1223ad713437, en de alinea staat in dat document op bytes 24419 tot 25245.