Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 november 2021

Onder 3.8 Parket bij de Hoge Raad 19 november 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 november 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1069.

Wiefferink klaagt verder dat het hof de verklaring van REM-BUD niet nader heeft gekwalificeerd, hoewel partijen daaraan ruimschoots aandacht hebben besteed, zowel in eerste aanleg als in hoger beroep. Daarbij heeft Wiefferink de verklaring van REM-BUD als een volmacht ex art. 3:60 lid 1 BW aangemerkt. Het ontbreken van de kwalificatie van de verklaring van REM-BUD klemt volgens Wiefferink te meer nu ingeval de verklaring als een volmacht moet worden gekwalificeerd, wijziging van partijhoedanigheid gedurende de procedure niet is geoorloofd, althans niet wanneer de gevolmachtigde niet met zoveel woorden is vermeld in het procesinleidende stuk. Hierbij wijst Wiefferink erop, in mijn parafrase, dat het hof zijn oordeel slechts op de verklaring van REM-BUD heeft gebaseerd. Volgens Wiefferink is zonder nadere motivering, die in ’s hofs oordeel ontbreekt, dan ook onjuist dan wel onbegrijpelijk op grond waarvan de verklaring van REM-BUD ertoe dient te leiden dat aan Poldanor een recht dan wel de bevoegdheid is verleend om in de procedure als procespartij voor REM-BUD op te treden en haar vordering betreffende de overeenkomsten ter zake van de drie locaties Naclaw, Swielino en Uniechówek toe te kennen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c184f6cffbfe435406df50a490eeb07e8abf574fac37a12f4e9c0e18b7e3e76. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c184f6cffbfe435406df50a490eeb07e8abf574fac37a12f4e9c0e18b7e3e76, en de alinea staat in dat document op bytes 41542 tot 42898.