Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2021
Alinea 412 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1179.
61. Ook de overwegingen die het Hof van Justitie in het arrest La Quadrature du Net e.a. formuleert, wijzen overwegend in deze richting. Het Hof herhaalt ‘dat binnen de werkingssfeer van deze richtlijn niet alleen wettelijke maatregelen vallen die aanbieders van elektronischecommunicatiediensten de verplichting opleggen om verkeers en locatiegegevens te bewaren, maar ook wettelijke maatregelen die hun de verplichting opleggen om de bevoegde nationale autoriteiten toegang tot die gegevens te verlenen’ (ov. 96). Dat kan nog aldus worden gelezen dat het om toegang tot ingevolge een wettelijke verplichting bewaarde gegevens gaat. In andere richting wijst evenwel dat het Hof bij de uitlegging van artikel 1, derde lid, van richtlijn 2002/58/EG meent dat onderscheid moet worden gemaakt naar de ‘persoon die de gegevensverwerkingshandeling uitvoert’ en aangeeft dat ‘elke verwerking van persoonsgegevens door aanbieders van elektronischecommunicatiediensten binnen de werkingssfeer van die richtlijn’ valt (ov. 101). Ook het systematische argument dat het Hof aan de AVG ontleent is een indicatie in die richting (ov. 102). Het Hof erkent slechts een beperking van de toepasselijkheid van de richtlijn wanneer de lidstaten ‘rechtstreeks maatregelen toepassen die inbreuk maken op het beginsel van de vertrouwelijkheid van elektronische communicatie, zonder dat zij verwerkingsverplichtingen opleggen aan aanbieders van elektronischecommunicatie-diensten’ (ov. 103). Vermelding verdient in dit verband ook dat het Hof van Justitie in het arrest La Quadrature du Net e.a. uit richtlijn 2002/58/EG niet alleen normen afleidt voor het bewaren en toegang verlenen tot verkeers- en locatiegegevens, maar tevens voor het in real time opvragen van deze gegevens. En in het arrest Privacy International leidt het Hof uit de richtlijn af dat deze zich verzet tegen ‘een verplichting tot algemene en ongedifferentieerde doorzending van verkeers- en locatiegegevens aan de veiligheids- en inlichtingendiensten’. Voor zover ik zie wordt de rechtspraak van het Hof van Justitie in gepubliceerde rechtspraak van gerechtshoven ook in deze zin gelezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/89ea83ea87d73d24f8b77bca62132ca8a92ba7430cf883652332e7ab28ef1393. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 89ea83ea87d73d24f8b77bca62132ca8a92ba7430cf883652332e7ab28ef1393, en de alinea staat in dat document op bytes 231444 tot 233842.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/89ea83ea87d73d24f8b77bca62132ca8a92ba7430cf883652332e7ab28ef1393 | shasum -a 256