Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2021
Alinea 463 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1179.
108. Een vraag is voorts of het voor de hand ligt om, als de precisie van uit gegevens te trekken conclusies leidend is, gegevens waaruit enkel informatie volgt over de locatie van betrokkene gelijk te schakelen met gegevens waaruit informatie volgt over communicatie van de betrokkene. Ik wijs in dat verband op EHRM 2 september 2010, appl. nr. 35623/05, Uzun v. Duitsland. Uzun en een kompaan werden verdacht van betrokkenheid bij terroristische activiteiten. Tegen hen waren een aantal geheime bevoegdheden toegepast. Zo was een GPS ontvanger in een auto aangebracht. Daarvoor was naar Duits recht geen machtiging door een rechter vereist. Uzun klaagde over schending van art. 8 EVRM. Het EHRM stelde vast dat in een latere strafvervolging ‘ the criminal courts could review the legality of such a measure of surveillance and, in the event that the measure was found to be unlawful, had discretion to exclude the evidence obtained thereby from use at the trial ’ (par. 71). Het EHRM zag daarin een belangrijke waarborg, die in dit kader volstond nu ‘ GPS surveillance must be considered to interfere less with a person's private life than, for instance, telephone tapping ’ (par. 72). Art. 8 EVRM was niet geschonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/89ea83ea87d73d24f8b77bca62132ca8a92ba7430cf883652332e7ab28ef1393. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 89ea83ea87d73d24f8b77bca62132ca8a92ba7430cf883652332e7ab28ef1393, en de alinea staat in dat document op bytes 280742 tot 282113.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/89ea83ea87d73d24f8b77bca62132ca8a92ba7430cf883652332e7ab28ef1393 | shasum -a 256