Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2021

Alinea 57 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1179.

Deze opvatting past volgens de officier van justitie in de systematiek van het Wetboek van Strafvordering, dat toelaat dat in onderzoeken naar VH-feiten impactvolle opsporingsbevoegdheden worden toegepast. Deze misdrijven worden door de Nederlandse wetgever dus kennelijk aangemerkt als zonder meer “ernstig”. Ter vergelijking heeft de officier van justitie gewezen op de stelselmatige observatie van artikel 126g van het Wetboek van Strafvordering, een zeer impactvol bob-middel dat in beginsel voor elk VH-feit kan worden ingezet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/89ea83ea87d73d24f8b77bca62132ca8a92ba7430cf883652332e7ab28ef1393. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 89ea83ea87d73d24f8b77bca62132ca8a92ba7430cf883652332e7ab28ef1393, en de alinea staat in dat document op bytes 9810 tot 10360.