Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2021
Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2021, ECLI:NL:PHR:2021:12.
25. Uit het voorgaande leid ik af dat de Hoge Raad in zijn jurisprudentie niet de categorische eis stelt dat uitsluitend aan de hand van psychiatrische of psychologische rapportage kan worden vastgesteld dat bij de benadeelde van een delict geestelijk letsel is opgetreden van zodanige aard dat aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ als bedoeld in art. 6:106, aanhef en onder b, BW mag worden aangenomen. Onder omstandigheden kan die vaststelling worden gebaseerd op andere concrete omstandigheden van het geval. Daarbij kan de rechter de aard en de ernst van de normschending in aanmerking nemen. In sommige gevallen liggen de relevante nadelige gevolgen van de normschending voor de benadeelde zozeer voor de hand dat een aantasting in de persoon reeds op die grond kan worden aangenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bccffb6e56fd3416e51912aafceff670f5dff0fd232caf7a3dce4e13308ac60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bccffb6e56fd3416e51912aafceff670f5dff0fd232caf7a3dce4e13308ac60, en de alinea staat in dat document op bytes 36098 tot 36910.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0bccffb6e56fd3416e51912aafceff670f5dff0fd232caf7a3dce4e13308ac60 | shasum -a 256