Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 januari 2021

Onder 2.38 Parket bij de Hoge Raad 8 januari 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 januari 2021, ECLI:NL:PHR:2021:21.

Tot slot: indien de kantonrechter een ingediende vordering niet aanmerkt als samenhangend met het (hoofd)verzoek, zal de desbetreffende vordering moeten worden afgesplitst (zie art. 7:686a lid 10 BW). Indien de kantonrechter in dat geval zichzelf relatief en absoluut bevoegd acht om kennis te nemen van de ingestelde vordering, zal hij de ‘wisselbepaling’ in art. 69 Rv toepassen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/add8f0a5b1ea28885a472828c2f1d7ef0c8109286114e34ed92a60c111f31252. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt add8f0a5b1ea28885a472828c2f1d7ef0c8109286114e34ed92a60c111f31252, en de alinea staat in dat document op bytes 73334 tot 73768.