Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2021
Alinea 114 Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2021, ECLI:NL:PHR:2021:231.
52. De vraag kan worden gesteld of in het door de Nederlandse strafrechter te hanteren toetsingskader voor de beoordeling of het proces eerlijk is verlopen niet alsnog een plaats zou moeten worden ingeruimd voor de eerste stap uit het stappenplan van het Straatsburgse beoordelingskader. Het EHRM benadrukt dat de afwezigheid van een ‘good reason’ voor het niet kunnen ondervragen van de getuige is aan te merken als “a very important factor to be weighed in the balance when assessing the overall fairness of a trial”. De uitspraak in de zaak Keskin illustreert ook dat de beoordeling van het getuigenverzoek en de toets of het gebrek aan ondervragingsmogelijkheid strijd oplevert met art. 6 EVRM in dit opzicht niet geheel los van elkaar staan. De grond voor de afwijzing van het getuigenverzoek is in Straatsburg mede bepalend voor de intensiteit van de verdere toetsing of het proces als geheel zonder ondervragingsmogelijkheid eerlijk is verlopen. Door de eerste subvraag in het beoordelingskader te betrekken, zou beter tot uitdrukking kunnen worden gebracht dat het in dit verband in wezen gaat om communicerende vaten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ebfbb727a89f661ecf198ce0b2b58af8e267db2d1f59c0c197c677a9dadf709. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ebfbb727a89f661ecf198ce0b2b58af8e267db2d1f59c0c197c677a9dadf709, en de alinea staat in dat document op bytes 96817 tot 97964.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0ebfbb727a89f661ecf198ce0b2b58af8e267db2d1f59c0c197c677a9dadf709 | shasum -a 256