Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2021

Onder 2.27 Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2021, ECLI:NL:PHR:2021:243.

Ook ik begin met de vraag waarom de verkoop van schaarse (bouw)grond in overheidseigendom aan andere normen onderworpen zou moeten zijn dan de verdeling van schaarse publieke rechten. Zij hebben inderdaad veel gemeen: zowel bij de verkoop van gewilde goederen als bij het toekennen van publieke rechten kan zich de situatie voordoen dat de vraag daarnaar groter is dan het aanbod. In een vrije markt kunnen alle aanbieders met elkaar in concurrentie treden en hetzelfde geldt voor alle potentiële gegadigden. Wanneer in de vrije markt de vraag naar een bepaald goed groter is dan het aanbod, zal dit doorgaans tot uitdrukking komen in de prijs die een koper bereid is te betalen. De vrije markt voor goederen (ook die voor onroerende goederen) wordt niet begrensd door wat overheidslichamen aan te bieden hebben: op de vrije markt concurreren overheidsaanbieders immers met particuliere aanbieders van gelijksoortige goederen. Zo is bijvoorbeeld de (regionale) markt voor onroerend goed niet beperkt tot de onroerende goederen die door een overheidslichaam te koop worden aangeboden. Het aanbod van soortgelijke onroerende goederen van anderen (bij een regionale markt: in de regio) is mede bepalend voor de prijs.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7a64e0178ef2575708e139947a11d0efc1d78e00e4f3369f138b86827dd86fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7a64e0178ef2575708e139947a11d0efc1d78e00e4f3369f138b86827dd86fd, en de alinea staat in dat document op bytes 53295 tot 54523.