Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2021
Onder 3.8 Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2021, ECLI:NL:PHR:2021:262.
Het is vaste jurisprudentie van uw Raad dat voor het antwoord op de vraag of voor een belastingplichtige op grond van artikel 47 van de AWR een verplichting bestaat om aan de Inspecteur desgevraagd informatie te verstrekken, voldoende is dat de Inspecteur zich op basis van de hem ter beschikking staande gegevens in redelijkheid op het standpunt kan stellen dat die informatie voor de belastingheffing van de betrokken belastingplichtige van belang zou kunnen zijn (vgl. Hoge Raad 18 april 2013, ECLI:NL:HR:2013:AF7498 en Hoge Raad 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3603). Uw Raad heeft voorts in een geval vergelijkbaar met het onderhavige geoordeeld dat voor de bevoegdheid van de Inspecteur tot het stellen van vragen op de voet van artikel 47 van de AWR niet is vereist dat als vaststaand kan worden aangenomen dat de betreffende belanghebbende in de desbetreffende jaren nog over een buitenlandse bankrekening beschikte, maar dat een redelijk vermoeden ter zake voldoende is (vgl. Hoge Raad 1 november 2013, ECLI:NL:HR:2013:1017).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f533fcfa33bd4f5ccc88cdd8eacb7ec2bf9d039573a1c99ca1edb6bba02ae51c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f533fcfa33bd4f5ccc88cdd8eacb7ec2bf9d039573a1c99ca1edb6bba02ae51c, en de alinea staat in dat document op bytes 64016 tot 65065.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f533fcfa33bd4f5ccc88cdd8eacb7ec2bf9d039573a1c99ca1edb6bba02ae51c | shasum -a 256