Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2021

Onder 4.18 Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2021, ECLI:NL:PHR:2021:262.

inspecteur zijn wettelijke bevoegdheden overschrijdt. Daarvan is ook sprake als hij handelt in strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur, een beginsel dat in dit verband belangrijk is. Dat is te vinden in artikel 3, lid 4, van de Awb. Dit is eigenlijk het evenredigheidsbeginsel. De nadelige gevolgen van een besluit voor de belanghebbende mogen niet onevenredig zijn in verhouding met de doeleinden die met het besluit worden nagestreefd. Dit is een bepaling die eigenlijk voor het hele bestuursrecht geldt en telkens op basis van de bijzondere omstandigheden van het geval door de rechter wordt ingevuld. Het is een marginale toets. De rechter hoeft dus niet te wegen of de nadelen voor de belanghebbende precies in evenwicht zijn met de voordelen voor het bestuur. Hij grijpt pas in als er duidelijk sprake is van onevenredigheid en als het bestuur in redelijkheid niet tot zijn beslissing had kunnen komen. Die drempel is dus vrij hoog.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f533fcfa33bd4f5ccc88cdd8eacb7ec2bf9d039573a1c99ca1edb6bba02ae51c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f533fcfa33bd4f5ccc88cdd8eacb7ec2bf9d039573a1c99ca1edb6bba02ae51c, en de alinea staat in dat document op bytes 114248 tot 115207.