Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2021
Onder 5.30 Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2021, ECLI:NL:PHR:2021:262.
De vraag is of het uitgangspunt uit dit arrest ook geldt voor de situatie dat een inspecteur het vermoeden heeft dat een belanghebbende over nog meer (andere) buitenlandse bankrekeningen beschikte. Ik zie niet in waarom in die situatie voor de bevoegdheid tot het stellen van vragen wel eerst vast zou moeten staan dat er meer buitenlandse bankrekeningen waren. Een redelijk vermoeden lijkt mij hier ook voldoende.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f533fcfa33bd4f5ccc88cdd8eacb7ec2bf9d039573a1c99ca1edb6bba02ae51c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f533fcfa33bd4f5ccc88cdd8eacb7ec2bf9d039573a1c99ca1edb6bba02ae51c, en de alinea staat in dat document op bytes 225962 tot 226390.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f533fcfa33bd4f5ccc88cdd8eacb7ec2bf9d039573a1c99ca1edb6bba02ae51c | shasum -a 256