Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2021

Onder 5.5.3. Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2021, ECLI:NL:PHR:2021:292.

Dat in de sedert 1 januari 2016 geldende wettelijke regeling van de massaalbezwaar-procedure geen volgorde is bepaald voor het doen van uitspraak op het massaal bezwaar en het daarvan af te splitsen, op overige geschilpunten betrekking hebbende, bezwaar (vgl. Kamer-stukken II 2015/16, 34 305, nr. 3, p. 50 en Kamerstukken II 2015/16, 34 305, nr. 6, p. 44), houdt niet noodzakelijk in dat eerst uitspraak zou moeten worden gedaan op het massaal bezwaar. De regeling voor massaal bezwaar vormt een inbreuk op de regel dat een bezwaar tegen een aanslag moet worden beschouwd als een bezwaar tegen die aanslag in zijn totaliteit (vgl. HR 24 januari 2003, ECLI:NL:HR:2003: AD9713, BNB 2003/172, r.o. 3.3). Het splitsen van het initiële bezwaar in een ‘massaal bezwaar-bezwaar’ en een bezwaar dat ziet op overige geschilpunten impliceert dat in geval van beroep tegen – bijvoorbeeld – een uitspraak op het bezwaar met betrekking tot de overige geschilpunten, in het kader van dat beroep niet tevens de kwestie van het massaal bezwaar voorwerp van geschil vormt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1cff0f0db6618faef8f5f04adb7dc5e0df8ebcc16e051c9725329714f82de48b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1cff0f0db6618faef8f5f04adb7dc5e0df8ebcc16e051c9725329714f82de48b, en de alinea staat in dat document op bytes 54646 tot 55725.