Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2021

Alinea 201 Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2021, ECLI:NL:PHR:2021:35.

In mijn analyse kom ik tot de conclusie dat zijn bekennende verklaringen meerdere kenmerken vertonen die vaak voorkomen bij valse bekentenissen. Daarbij gaat het om a) situationele factoren (opsluiting en afzondering, veel lange verhoren, gebruik van verbeelding, suggestieve verhoren, weinig mogelijkheden om met een advocaat te overleggen, geëmotioneerdheid, zich schuldig voelen, willen helpen bij het onderzoek, dromen over het zijn van de dader) en b) dispositionele factoren (geloof in een rechtvaardige wereld, memory distrust); c) de voortgang van de verklaringen (de eerste bekentenis werd gedaan na diverse verhoren, het verhaal veranderde in de loop der tijd) en d) het feit dat het externe bewijs niet overeenkomt met de verklaringen bij de bekentenissen. Mijn conclusie luidt dat er sterke aanwijzingen zijn dat de bekentenissen van verdachte vals zijn. In hetgeen volgt, licht ik mijn conclusies nader toe.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f8c4a25d712400ff5149ce0d10fb44c886b1ab6df4e69a9fd0500408ddd39f84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f8c4a25d712400ff5149ce0d10fb44c886b1ab6df4e69a9fd0500408ddd39f84, en de alinea staat in dat document op bytes 79194 tot 80181.