Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 januari 2021

Onder 3.12 Parket bij de Hoge Raad 15 januari 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 januari 2021, ECLI:NL:PHR:2021:39.

Uit deze overweging volgt dat het Hof het bewijsaanbod dat [verzoeker] bij pleidooi had gedaan, zo heeft opgevat dat dit slechts zag op de stelling dat sprake is geweest van een verlenging van de looptijd van de construction loan . Terecht wordt geklaagd dat het Hof daarmee een te beperkte uitleg heeft gegeven aan de stellingen van [verzoeker] . In punt 4 van zijn pleitnotities heeft [verzoeker] immers gesteld – direct voorafgaand aan zijn aanbod tot getuigenbewijs door het horen van twee met name genoemde bankmedewerkers – dat met Girobank “ een overeenkomst [is] gesloten die op schrift heeft afgeweken van hetgeen tussen partijen was besproken. Met wederzijds goedvinden is een andere uitvoering gegeven aan het contract. De kredietverlening heeft meer de aard van een langlopend krediet gehad. De Girobank wist van meet af aan dat de gelden niet gebruikt zouden worden voor de projecten die in de kredietovereenkomst staan opgenomen en ook, dat andere zekerheden zouden worden verstrekt. Na het verstrijken van de initiële contractperiode van twee jaar is het contract zonder meer verlengd.” Deze passage behelst een verdergaand standpunt dan de stelling dat de looptijd van de construction loan is verlengd; zij houdt immers óók in dat, in afwijking van de tekst van de financieringsovereenkomst, feitelijk sprake was van een langlopend krediet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea50fb2bb23c013e5b6723437b286915b53deec4f71bd42a62cd0fecc2d0af41. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea50fb2bb23c013e5b6723437b286915b53deec4f71bd42a62cd0fecc2d0af41, en de alinea staat in dat document op bytes 27685 tot 29168.