Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 april 2021

Onder 4.22 Parket bij de Hoge Raad 16 april 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 april 2021, ECLI:NL:PHR:2021:415.

Naar mijn mening moet er inderdaad vanuit worden gegaan dat vertragingsrente is verschuldigd over de niet tijdig betaalde huurtermijnen. Daarbij gaat het om de contractuele rente, dus de rente die is verschuldigd op grond van de ABHK ROZ (zie onder 1.1). Bepalend daarvoor lijkt mij dat zolang de curator geen gebruik maakt van de mogelijkheid om de huur tussentijds te doen eindigen (c.q. zolang de huurovereenkomst nog doorloopt na het faillissement), de huurverhouding zoals die voor het faillissement gold, ongewijzigd voortduurt (zie onder 3.11). Dat betekent dat ook de op de huurovereenkomst van toepassing zijnde algemene voorwaarden (de ABHK ROZ), inclusief de daarin opgenomen betalingsvoorwaarden, van toepassing zijn gebleven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d4e029ebf51346148473756cdceb8de6e9d3646384bff07550e08616986af3ec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d4e029ebf51346148473756cdceb8de6e9d3646384bff07550e08616986af3ec, en de alinea staat in dat document op bytes 42485 tot 43364.