Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2021
Onder 3.62 Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2021, ECLI:NL:PHR:2021:533.
9. Ook op grond van normatieve overwegingen bestaat er aanleiding voor een verlichting van de bewijslast van de koper en dienovereenkomstig van zijn stelplicht. Dat onzeker is wat de koper zou hebben gedaan ingeval de makelaar de netto woon- en gebruiksoppervlakte van de woning conform de meetinstructie zou hebben meegedeeld, is immers niet aan de koper maar aan de makelaar te wijten. Een en ander kan men formuleren als een bijzondere regel in de zin van art. 150 Rv, en anders als een gezichtspunt dat de rechter in verband met de eisen van redelijkheid en billijkheid bij de waardering van de stellingen van de benadeelde en het door deze bijgebrachte bewijs kan betrekken. Vergelijk hiervoor 3.41 e.v. (in het bijzonder 3.49 en 3.50).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52688fe3bdf9f848cca0894cd828a4ec16bdcd2c9c9cb8b527d6c3d78f54e959. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52688fe3bdf9f848cca0894cd828a4ec16bdcd2c9c9cb8b527d6c3d78f54e959, en de alinea staat in dat document op bytes 99829 tot 100583.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/52688fe3bdf9f848cca0894cd828a4ec16bdcd2c9c9cb8b527d6c3d78f54e959 | shasum -a 256