Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2021

Onder 4 Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2021, ECLI:NL:PHR:2021:533.

Het hof betwijfelt of zij naar die woning zou zijn uitgeweken, waar haar toenmalige relatie die aankoop volgens haar zelf (in haar memorie van grieven sub 27) en volgens de door haar (als productie 10 bijlagen 1-4 bij haar akte van 2 december 2019) overgelegde schriftelijke getuigenverklaringen onoverkomelijk vond omdat haar ex-echtgenoot daar vlakbij in voormalige echtelijke woning (In de [b-straat 2]) was blijven wonen. Maar ook als [de koper] die woning ondanks dat bezwaar wel zou hebben gekocht, dan nog heeft zij in hoger beroep, hoewel daartoe inmiddels alle aanleiding bestond, niet opgegeven voor welke koopprijs zij deze zou hebben gekocht (hoewel met betrekking tot deze woning volgens haar al een koopprijs was overeengekomen), noch welke waarde deze woning had toen zij haar eigen appartementsrecht op 11 juli 2018 heeft overgedragen, telkens met een correcte opgaaf van de woonoppervlakte. [de koper] heeft zelfs niet gesteld dat zij bij aankoop van de [b-straat 1] in financiële zin beter af zou zijn geweest dan nu het geval is, laat staan dat zij deze (door haar niet ingenomen) stelling heeft geconcretiseerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52688fe3bdf9f848cca0894cd828a4ec16bdcd2c9c9cb8b527d6c3d78f54e959. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52688fe3bdf9f848cca0894cd828a4ec16bdcd2c9c9cb8b527d6c3d78f54e959, en de alinea staat in dat document op bytes 105148 tot 106295.