Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021
Onder 6.7.3 Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021, ECLI:NL:PHR:2021:757.
In de tweede plaats kan worden gewezen op het arbitraal beding. Art. 6:236 onder n BW stelt buiten twijfel dat de consument niet tegen zijn wil van de overheidsrechter kan worden afgehouden (art. 17 Grondwet). Met het oog op een effectieve bescherming van het belang van de consument, dient de voorzieningenrechter die beslist op een verzoek om verlof tot tenuitvoerlegging van een arbitraal vonnis, ambtshalve te onderzoeken of aannemelijk is dat sprake is van een beding dat op grond van art. 6:236 onder n BW onredelijk bezwarend is. Bij een arbitraal beding dat onderdeel uitmaakt van algemene voorwaarden zijn het regime van Richtlijn 93/13 en dat van art. 6:236 onder n BW steeds naast elkaar van toepassing. Op dit punt kan dan ook eenzelfde benaderingswijze worden gevolgd, hetgeen de hanteerbaarheid van de onderhavige regels ten goede komt, aldus de Hoge Raad in de zaak Intermaris .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/65bbb371826d477338bb08b3d549f6ebeea8c9c2226ba22675665b5769ca708a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 65bbb371826d477338bb08b3d549f6ebeea8c9c2226ba22675665b5769ca708a, en de alinea staat in dat document op bytes 150502 tot 151507.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/65bbb371826d477338bb08b3d549f6ebeea8c9c2226ba22675665b5769ca708a | shasum -a 256