Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021

Onder 7.21.2 Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021, ECLI:NL:PHR:2021:757.

In het kader van de Richtlijn CR hebben transparantievereisten niet alleen betrekking op de inhoudelijke duidelijkheid en begrijpelijkheid van de informatieverstrekking. Deze vereisten kunnen ook betrekking hebben op de wijze waarop informatie wordt verstrekt. Dit volgt uit bepalingen als art. 6:230t lid 1 BW “( in leesbare vorm”), art. 6:230v lid 1 BW (“ passend … voor de gebruikte middelen voor communicatie op afstand ”) en art. 6:230v lid 2 BW (“ op een … in het oog springende manier ”). Dit volgt ook uit de rechtspraak van het HvJEU. Zo behandelt het (in 5.3.3 aangehaalde) arrest Amazon EU , punt 52, de wijze van het bieden van informatie over een telefoonnummer op de website van de handelaar. De plaatsing en vindbaarheid van de informatie (bijvoorbeeld op een website) speelt hier dus een rol. Uit het (in 5.3.2 aangehaalde) arrest Walter Walbusch , punt 46, volgt dat bepaalde informatie, zoals informatie over het ontbindingsrecht, voor de bescherming van de consument van wezenlijk belang is en voorts dat denkbaar is dat de wijze van informatievoorziening over aspecten van het ontbindingsrecht (zoals het modelformulier) kan verschillen. Aan de wijze van presentatie van de belangrijkste informatie kunnen dus hogere eisen worden gesteld dan aan de wijze van presentatie van minder belangrijke informatie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/65bbb371826d477338bb08b3d549f6ebeea8c9c2226ba22675665b5769ca708a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 65bbb371826d477338bb08b3d549f6ebeea8c9c2226ba22675665b5769ca708a, en de alinea staat in dat document op bytes 199317 tot 200967.