Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021

Onder 4.14.3 Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021, ECLI:NL:PHR:2021:758.

Wordt een overeenkomst op afstand gesloten met behulp van een middel voor communicatie op afstand dat beperkte ruimte of tijd biedt voor het tonen van de informatie dan verstrekt de handelaar via dat specifieke middel voordat de overeenkomst gesloten wordt, ten minste de precontractuele informatie genoemd in art. 6:230m lid 1 onder a (voornaamste kenmerken van de zaken of diensten), b (identiteit van de handelaar), e (totale prijs), h (ontbindingsrecht) en o (duur overeenkomst en opzeggingsvoorwaarden), zo volgt uit art 6:230v lid 5 BW. Het HvJEU heeft de in art. 6230v lid 5 BW bedoelde informatie aangemerkt als de noodzakelijke informatie op basis waarvan de consument kan beslissen de overeenkomst al dan niet te sluiten. Daaronder valt overigens niet het in art. 6:230m lid 1 onder h BW bedoelde modelformulier. Dat formulier mag, evenals de overige in art. 6:230m lid 1 BW bedoelde informatie, via een andere bron worden verstrekt. Tigelaar wijst erop dat het bestaan van het ontbindingsrecht relevant is voor de wilsvorming van de consument, terwijl het modelformulier de uitoefening van dat recht betreft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c40e8a6fe9300346e0af7a4a97fb64d22daa759644cf6cc5625fbb78b04372f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c40e8a6fe9300346e0af7a4a97fb64d22daa759644cf6cc5625fbb78b04372f0, en de alinea staat in dat document op bytes 50692 tot 51888.