Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021
Onder 5.19 Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 augustus 2021, ECLI:NL:PHR:2021:758.
(6) Nakoming. Een vordering tot nakoming van de betreffende informatieverplichting (art. 3:296 BW) lijkt als sanctie in vele gevallen minder geschikt. Het belang van de consument bij een nakomingsactie is doorgaans (te) klein om een civiele procedure te starten. Als het gaat om informatieplichten die de wilsvorming betreffen – in zekere zin de meeste zwaarwegende informatieplichten − kan nakoming niet meer bijdragen aan de wilsvorming als de overeenkomt al is gesloten. Bovendien kan de rechter in een verstekzaak niet met een nakomingsvordering van de consument uit de voeten, omdat de consument niet is verschenen en dus niet (in reconventie) nakoming vordert. Van een ambtshalve veroordeling tot nakoming zijn mij geen voorbeelden bekend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c40e8a6fe9300346e0af7a4a97fb64d22daa759644cf6cc5625fbb78b04372f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c40e8a6fe9300346e0af7a4a97fb64d22daa759644cf6cc5625fbb78b04372f0, en de alinea staat in dat document op bytes 99628 tot 100502.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c40e8a6fe9300346e0af7a4a97fb64d22daa759644cf6cc5625fbb78b04372f0 | shasum -a 256