Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 augustus 2021

Onder 2.2 Parket bij de Hoge Raad 27 augustus 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 augustus 2021, ECLI:NL:PHR:2021:772.

Volgens subonderdeel 1b heeft het hof bovendien, of althans, ten onrechte verzuimd om het vermoeden uit art. 1:136 lid 2 BW toe te passen. Daartoe wordt aangevoerd dat, nu naar ’s hofs oordeel niet is vast te stellen dat de door vrouw gestelde lening is aangewend ter financiering van de onroerende zaken dan wel voor andere investeringen, de man ook niet werd geacht te zijn geslaagd in zijn tegenbewijs dat het tot het tuinbouwbedrijf behorend vermogen en het tuinland moeten worden gerekend tot het niet te verrekenen vermogen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cddcbdf6862c545fbcef66fd17d6d2e84a1918fbc1ba605d0d3009238b09e063. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cddcbdf6862c545fbcef66fd17d6d2e84a1918fbc1ba605d0d3009238b09e063, en de alinea staat in dat document op bytes 23418 tot 24038.