Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 september 2021

Onder 3.8 Parket bij de Hoge Raad 3 september 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 september 2021, ECLI:NL:PHR:2021:783.

De rechtsgang tegen de oplegging van een boete op grond van Wahv is, zoals uit de hiervoor gegeven beschrijving volgt, met voldoende waarborgen omkleed. Met betrekking tot die boeteoplegging is dus geen taak voor de burgerlijke rechter weggelegd. Dat betekent dat een op grond van de Wahv opgelegde boetebeschikking formele rechtskracht toekomt en dat deze beschikking dus voor rechtmatig moet worden gehouden indien en zolang deze niet vernietigd is in de rechtsgang op grond van de Wahv. Wordt niet tijdig beroep ingesteld, dan wordt het besluit onherroepelijk en dus onaantastbaar, en moet het (mede) om die reden voor rechtmatig worden gehouden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a1cf10d089168490d0062ac24b1836f9065e04605bd1845656a5c2f1fbaabcda. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a1cf10d089168490d0062ac24b1836f9065e04605bd1845656a5c2f1fbaabcda, en de alinea staat in dat document op bytes 34166 tot 34829.